Notities onderweg

Scooteren door Jabalpur, Gotegaon en de eerste duik in de Narmada

Yasha en Diederik bij zonsondergang aan de Narmada, met een tempeltje in het water achter hen

Maandag 28 september 2026

Vandaag gingen we op zoek naar een kampeermatje voor een Hollander van 1,92 meter (6'4"). Dus lekker crossen met de scooter door Jabalpur: Yasha met haar nicht samen op één scooter, en ik op mijn eigen, geleende exemplaar.

Dat is al een avontuur op zich. Ik denk dat ik wel tweehonderd verkeersovertredingen heb begaan, en die mogen en kunnen hier allemaal in India. Rustig tegen het verkeer in rijden, door rood rijden, tussen overstekende voetgangers door manoeuvreren. En je moet er rekening mee houden dat íédereen dit doet, dus je hebt een zesde zintuig nodig om het alleen al te overleven. Dan komen de koeien, honden en apen er nog bij, die allemaal vrolijk meedoen aan deze geweldige chaos.

Uiteindelijk hebben we het kampeermatje niet gevonden, wel nog wat andere spullen. Maar dat was allang niet meer het doel. De nicht van Yasha was bij het afstappen door haar enkel gegaan, dus nu moest Yasha rijden. Na een kort stukje bleek dat ook geen succes. Dus hield Yasha de scooter in balans, zodat haar nicht kon rijden, en zo gingen we snel weer terug door de chaos van Jabalpur.

Hierna gingen we langs andere familieleden, waar we zoals gebruikelijk werden volgepropt met heerlijke en iets minder heerlijke maaltijden en zoetigheden. Wat wil je nog meer?

Maar let op: "Nee, dank je, ik zit vol" bestaat hier niet 😉. Pas na een lange discussie, en door herhaaldelijk je hand boven je bord te houden, wordt er heel even geaccepteerd dat je echt niet meer hoeft. Tot je vijf minuten niet oplet en er ineens weer een stapel roti's, een schep dal en wat-dan-ook op je bord ligt. Meer gastvrijheid dan dat bestaat gewoon niet 😊.

Dinsdag 29 september 2026

Eindelijk. Na alle verhalen van Yasha's moeder en andere familieleden ga ik de geboorteplaats van mijn schoonmoeder zien: het ouderlijk huis, waar nu twee van haar broers wonen.

Volgens het station heet deze plek Shridham. Volgens Google Maps heet het Gotegaon, en volgens de locals ook. Niemand heeft me kunnen uitleggen waarom. Maar ja, dat is India: niet alles heeft een logische reden of uitleg.

Mijn sala, een neef van Yasha (zo noem ik hem), had me herhaaldelijk gewaarschuwd om niet te gaan. Het zou te gevaarlijk zijn. Het verkeer zou er nog erger zijn dan in de steden en het leven daar te heftig, nog uit een vorig tijdperk.

Ik dacht: het zal wel. We gaan gewoon. Ik móést deze plek zien, de plek waar al die prachtige verhalen van Yasha en haar moeder vandaan komen.

En ja, eenmaal daar was het inderdaad alsof je vijftig jaar terug in de tijd ging, qua wegen en gebouwen. Maar het had vooral charme, veel meer dan dat het slecht of ouderwets voelde. Vanaf de eerste dag heb ik er heerlijk genoten.

Het ouderlijk huis zelf had helaas wat van die oude charme verloren, sinds de middelste oom er flink is gaan verbouwen. Op z'n Indiaas, laat ik het daarbij houden 😉.

We werden zoals altijd hartelijk ontvangen. De middelste oom was zo enthousiast over onze Narmada Parikrama dat hij ons meteen meenam naar de rivier, zo'n vijftien minuten van Gotegaon.

Dat werd onze eerste ontmoeting met de Narmada. En dat gaf een bijzonder gevoel. Zo van: shit, dit gaan we echt doen. Een wandeling van zo'n 3.500 kilometer, van Amarkantak naar de Arabische Zee en weer terug. Op dat moment werd het echt. Geen droom meer, maar werkelijkheid.

Dit was nog niet het begin van de rivier, maar een stuk stroomafwaarts. In Amarkantak, bij de bron, beginnen we pas op 11 oktober. Volgens de hindoekalender is dat een goede dag om aan zo'n onderneming te beginnen, en of je het gelooft of niet: aan die regels houd je je hier. Eerst zouden we de laatste week van september vertrekken. Toen werd het door overstromingen 4 oktober, onze trouwdag. En nu, omdat de kalender het zegt, dus 11 oktober.

Nou ja, we komen er wel. Slowly slowly 😄.

Ik kan nog uren doorgaan over deze dag, maar dan kan ik net zo goed een boek schrijven. Wat een dag, en wat een eerste ontmoeting met Gotegaon en de Narmada.

Woensdag 30 september 2026

Na zo'n geweldige dag als gisteren dacht ik, als echte Hollander natuurlijk: ik heb nog helemaal geen duik in de Narmada genomen! Dus stapten Yasha en ik met z'n tweetjes op alweer een geleende scooter van een van de ooms. Over kleine weggetjes, door het mooie landschap, naar de rivier.

Of het honderd procent veilig was toen ik de duik in het water maakte? Geen idee. Maar you only live once. En het was het meer dan waard: heerlijk koel water en een prachtig uitzicht over het landschap. Of het water schoon was… laten we daar maar niet te lang bij stilstaan 😉.

's Middags gingen we op tour naar de Jhoteshwar-tempel, samen met de middelste oom, zijn vrouw, Yasha en haar moeder. Hier wordt de godin Tripura Sundari geëerd. Een prachtige tempel in felle kleuren, met knaloranje als hoofdkleur en alle pracht en praal die je vaak bij dit soort tempels ziet.

Na de gebeden van de familie gingen we weer op huis aan. "Waarom laten we Diederik niet rijden? Dat komt vast goed," zei de oom van Yasha met een knipoog. Dus zei ik meteen: "Ja hoor, geen probleem, ik rij wel."

En zo reed ik de auto terug naar Gotegaon. Het is hier grotendeels platteland en je verwacht geen mens te zien, maar toch zijn die smalle wegen altijd bomvol scooters en auto's. Waar ze allemaal vandaan komen? Geen idee. Het blijft voor mij een bijzonder fenomeen.

Dus: zesde zintuig aan. Opletten voor alles wat door elkaar heen rijdt, links houden, met links schakelen omdat het stuur rechts zit. En dan zitten er natuurlijk honderd diepe gaten in de weg, plus onzichtbare verkeersdrempels: van die kleine, scherpe hobbels zonder witte herkenningsstrepen. Eén moment niet opletten en de onderkant van je auto of je vering is naar de knoppen.

Gek genoeg hebben we het allemaal overleefd, en heb ik niemand aangereden. Misschien helpt zo'n gebedje toch 😉.

Na die adrenalinerush wilde de oudste oom, de enige die vlees eet, mij de vleesmarkt laten zien. Ik dacht: zeker, dat wil ik een keer meemaken.

Eerst maakten we, zoals gebruikelijk in India, honderd tussenstops. Even chai drinken, wat mensen opzoeken, mij even tentoonstellen. Maar uiteindelijk kwamen we dan toch bij de vleesmarkt aan.

En dat is wel even anders dan in Nederland. Daar ligt alles al keurig in stukken in de vitrine bij de slager of in het schap van de supermarkt, en zie je nooit een levend dier dat geslacht wordt. Op deze markt leeft alles nog, of het nu een geit of een kip is. Je zoekt zelf een kip uit, de slager haalt hem nonchalant uit het hok, en vlak voor je ogen wordt hij geslacht, geplukt en in stukken gehakt. Ik denk dat de meeste Nederlanders na zo'n bezoek meteen vegan worden 😉.

Na deze confrontatie met de realiteit namen we de kip mee naar huis. Daar dook Yasha's oom meteen de keuken in (een broer van je moeder noem je in het Hindi trouwens maamaa-ji). Hij maakte er een heerlijk gerecht van, dat nog beter smaakte met een klein glaasje waarvan je de naam niet hardop mag zeggen 😉.

Een beter einde van de dag kun je je niet wensen.

← Alle berichten